Mijn beweegredenen voor het opzetten van de actie KNOOP.
Onze westerse samenleving is in de loop van de jaren drastisch veranderd. Oude normen en waarden hebben plaatsgemaakt voor begrippen als vrijheid, democratie, het individu, massaproductie, overvloed aan keuze, revolutionaire technieken en nog veel meer van deze begrippen die los van deze context zeer positieve ontwikkelingen zijn. Deze ontwikkelingen in onze moderne cultuur zouden bevrijdend moeten werken. Dit is tot bepaalde mate ook zeker waar. Het punt is alleen dat aan al deze vrijheden en gemakken ook een prijskaartje hangt. Deze keerzijde van de medaille gaat mij, en ongetwijfeld een hoop anderen aan het hart. Ik wil graag mijn visie over de problematiek van de westerse samenleving met jullie delen. Dit is de reden waarom ik KNOOP het leven in geblazen heb.
Ik wil niemand iets opdringen, niet oproepen tot verzet en geen radicale acties of uitspraken doen. Het enige wat ik wil is mijn visie delen en discussies houden over dit onderwerp. Dit alles op een open en artistieke manier. Dicht, zing, schilder, dans of vertel en deel dit met ons. Welke manier jij maar hebt om je te uitten. Samen kunnen we een stuk verder komen. Al is het alleen in de vorm van het gedachtegoed en misschien ontstaat daaruit meer dan je zult verwachten!
Hier wil ik mijn visie over de westerse samenleving beknopt delen, zodat jullie weten waar de beweegreden van KNOOP liggen.
familiestructuur – individueel belangen
De Nederlandse cultuur is erg veranderd en dit is heel snel gegaan. Vroeger was de kerk de raadgever van het volk. Er waren duidelijke normen en waarden aan onze cultuur verbonden. God was de ultieme macht en de mens was daar ten alle tijden aan onderworpen. Kunst en filosofie stonden in dienst van de kerk. Het gezin stond centraal en ieder wist zijn plek in de samenleving. Dit was een stabiele leefomgeving. Na de verlichting verschoof het eeuwenoude statusstelsel. De mens was vrij om te twijfelen aan God, vrij om individuele ontwikkeling voor gemeenschappelijke ontwikkeling te zetten en men kon kiezen tussen gezin of carrière. Er was vrijheid om je te kleden en je te gedragen zoals je wilde. Vrijheid in de kunst, de muziek en in het denken. Het waren ontwikkelingen die nodig waren en met geen mogelijkheid terug te draaien zijn.
Vandaag de dag staat het individu hoog bij ons in het vaandel. We zijn de eeuwige huisvrouw, acht kinderen en je ouders in huis, iedere zondag naar de kerk, verplichte praatjes met de buren, liever arm dan rijk. We willen studeren naar onze eigen keus, vrij zijn om te gaan en te staan waar we willen, werk doen wat ons bevalt en ander werk zoeken als het gaat vervelen, we willen reizen, groeien en ontdekken.
Al deze nieuwe mogelijkheden brengt de traditionele levenswaarden in gevaar. Een gezin en een individueel streven is moeilijk te combineren. Een gezin betekent jezelf wegcijferen. Je leven staat in dienst van de kinderen. Zomaar een baan opzeggen omdat je weer wilt studeren zou onverantwoordelijk zijn.
Mijn generatie staat voor moeilijke keuzes. We willen vrij zijn en onszelf ontwikkelen, maar ook hamert nog de drang naar de traditionele waarden. Het huisje, boompje, beestje gevoel. Deze tegenstrijdige gevoelens kunnen veel moeilijkheden geven in het ontwikkelingsproces van jong volwassenen. Waar vroeger een duidelijke scheidslijn tussen goed en fout was, is nu een wazig grijs gebied waar wij ons doorheen moeten banen. Met alle angst voor de foute keuzes van dien.
Overvloed aan keuzes
Er ontbreekt structuur in onze samenleving. Waar vroeger de eeuwenoude regels golden van wat gepast of niet gepast was, goed of slecht, wel of niet van belang was, is nu een continuïteit geworden van eigen keuzes. Er wordt vanuit gegaan dat jij met je eigen gezonde verstand de beste keuzes voor je zelf kunt maken. Het is immers jouw leven, dus jij richt het naar eigen inzicht in. Sommigen gedijen hierop, anderen raken verstrikt. Wat moet ik doen? Wat moet ik kiezen? Dat is de grote vraag. Niet alleen als een levensvraag in de grote zin: Wat moet ik doen met mijn leven, maar ook doorwerkend in kleinere dingen. Wat moet ik eten? Wat moet ik aan? Welke kant moet ik op? Veel jonge mensen raken verstrikt in de overvloed aan keuzes. Er wordt van alles van ze verwacht. Dat ze carrière maken, een goede studie doen en werk aannemen waarin ze zichzelf kunnen ontplooien, maar veel jonge mensen weten niet wat ze willen doen. Op je 16e wordt vaak al verwacht dat je een keuze kunt maken welk werk je wilt doen, welke vervolgopleiding je kiest.
Onze generatie is opgegroeid in een samenleving waar alles voor je open ligt. Zo open dat velen door de bomen het bos niet meer zien. Velen begrijpen de zin van het leven niet meer, omdat elke structuur weggevallen is. Het is een feit dat er in Nederland meer depressie onder jongeren voorkomt dan ooit tevoren. De druk van carrière en ontplooiing is sterk gegroeid en dat terwijl er vele jongeren zijn die niet echt de ambitie hebben voor dergelijke ontwikkelingen. Niemand verplicht ze dit te doen, maar de druk van moderne interpretaties op het leven, maken ze onzeker en laten zich nutteloos voelen. We leven in een carrièregerichte maatschappij, waar de waarde van de persoon afhangt van de papiertjes die je hebt. Ambacht wordt niet meer gewaardeerd. De ambachtslieden worden meer en meer vervangen door machines. Dit terwijl er vele mensen zijn die ontzettend talentvol met hun handen zijn en hier ook hun plezier uit halen. Waar kunnen zij waardering vinden voor hun talenten? In onze samenleving is daar weinig plaats voor.
Nederlandse cultuur – massacultuur/globalisering
De oude, nostalgische Nederlandse cultuur is aan het verdwijnen. Deze verandering is zo snel gegaan, dat onze opa’s en oma’s mopperen op alle auto’s, buitenlanders en de onfatsoenlijkheid van de jongeren. Zelfs wij hebben nog het nostalgische Nederland in ons achterhoofd. Als mens hebben we altijd de behoefde om ons te identificeren. Met onze nationaliteit, onze kleding of levensstijl. We willen ons groeperen, ons thuis voelen tussen de mensen of omgeving waar we ons mee kunnen identificeren. Nederlanders zien we nog steeds als degenen die generaties lang het Nederlandse bloed in zich dragen. Dit terwijl er tegenwoordig zoveel Nederlanders zijn van verschillende huidskleuren. Marokkanen die hier geboren zijn, Chinezen die hier vanaf hun vijfde jaar zijn komen wonen, die allemaal het westerse gedachtegoed eigen hebben gemaakt. Natuurlijk willen zij zich in hun ontwikkeling tot volwassenen identificeren met het land waar ze oorspronkelijk of hun ouders vandaan komen. Zij zijn immers net als wij mensen die de behoefte hebben om zich af te scheiden en zich te identificeren. Wij zouden dit gedrag niet zo nauw moeten nemen, want als ze zouden moeten kiezen tussen de hun land van oorsprong of Nederland zullen de meeste kiezen voor Nederland. Zij hebben nou eenmaal net als wij de moderne mentaliteit overgenomen en wie kiest er niet voor individuele vrijheid en kans op een goede opleiding?
Het zou vooruitstrevend zijn om al deze verschillende mensen te zien als Nederlanders. Wij zullen allemaal hier kinderen krijgen die met elkaar opgroeien, dit zijn de nieuwe Nederlanders. Het is een mengelmoes van culturen die steeds meer verdwijnen en plaats maken voor één massacultuur. De acceptatie hiervan in onze samenleving gaat nog een hele tijd duren, maar dat het onontkoombaar is, is een feit. Wij zien nu de verschillen nog maar een paar generaties verder zullen de cultuurverschillen verdwijnen. Niet dat hiermee de behoefde tot identificatie zal verdwijnen. Natuurlijk kunnen wij ons altijd nog onderscheiden in geloof, muziekkeuzen, verschillende lagen in de bevolkingsgroepen en noem maar op.
Nederland zal langzamerhand Europa worden en wij zullen deel uitmaken van een verschrikkelijk groot gebied, waarin onze stem langzaam maar zeker zal wegsterven.
Een goed voorbeeld hiervan is het rookverbod. De EU streeft naar een betere volksgezondheid. In verschillende landen wordt een rookverbod opgelegd. Italië, Ierland, Noorwegen en België zijn enkele van deze landen. Natuurlijk is roken slecht. En verbieden op bepaalde plekken in openbare ruimten is zeker een goede stap, maar in Nederland liggen de zaken toch wat anders.
Nederland is een klein land met ontzettend veel mensen. In de randstad is alles tegen elkaar aangebouwd. Er is weinig ruimte voor tuinen of aanbouw in het centrum. De kleine cafeetjes, die niet de ruimte hebben voor een rookruimte, hebben hier zeker onder te lijden. En juist deze oude bruin cafeetjes zijn onderdeel van onze cultuur. Zij maken deel uit van het nostalgische straatbeeld zoals je nog op de oude ansichtkaarten ziet. De klanten blijven daar nu weg en als er niets gedaan wordt, zouden deze cafés hun deuren moeten sluiten. Ik vind dit persoonlijk heel erg jammer. Misschien zou het moeten zijn dat we er vanzelf wel aan wennen, zoals velen zeggen, maar mij gaat het om de manier waarop dit gebeurt.
Het is een beslissing gemaakt ten behoeve van de volksgezondheid. Nu gaat het om de openbare ruimtes, maar wat als ze langzaam maar zeker je verbieden thuis te roken? En dit terwijl ze toch sigaretten blijven verkopen? Waarom verbieden ze het niet gewoon? Omdat de regering bakken met geld verdiend aan de verkoop van sigaretten.
We worden gewezen op meer sporten en gezonder eten. Ontelbaar veel commercials flitsen per dag je ogen voorbij over allerlei apparaten en producten waar je gezonder en jonger van wordt. Natuurlijk is het goed om bedachtzaam en met liefde met je lichaam om te gaan, maar ik vind het een probleem dat het je ongemerkt opgedrongen wordt. Gaat het hier werkelijk om de oprechte zorgen van de regering dat een mens gezond is, of gaat het om een vorming van een massale ‘supermens’, dat ten alle tijden kan blijven werken om geld in het laatje te brengen?
Zo is het ook met de continuïteit van beelden van de ‘perfecte mens’. Hoe een man of vrouw er idealiter uit hoort te zien. Iedereen weet tegenwoordig wat de perfecte neus zou zijn of het perfecte gewicht. Wat een impact heeft het op alle wereldverschillende mensen, die zich ongelukkig gaan voelen over hun eigen lichaam.
Nog een voorbeeld is het angst zaaien in onze samenleving. Die ontelbare commercials over Nederland tegen terrorisme. Dit terwijl er nooit echt een aanslag in ons land is geweest. Opeens zijn er allerlei zaken in opspraak over de islam. Moslims worden plotseling met argwaan nagekeken. Ik vind dit alleen maar een typische herhaling van de nationale (in deze tijd internationale) zondebok. Net zoals de Joden dat waren in de 2e wereldoorlog.
Vrijheidsillusie
We denken dat we vrij zijn. Dat we alle keuze hebben om ons leven in te richten zoals wij dat willen. Dat we kunnen denken, dragen en zijn wat we willen. Natuurlijk zijn we op het eerste gezicht vrijer dan in een andere cultuur. We kunnen en mogen toch zo veel?
In mijn ogen is de vrijheid die we krijgen tot bepaalde mate maar een illusie. Ik kan kopen wat ik wil, want we hebben zo ontzettend veel winkels. Maar kan ik een totaal ander model broek kopen bij de Zara dan bij de H&M? Kan ik ervoor kiezen, als ik het nieuws kijk om de positieve ontwikkelingen in de wereld te zien? Hongersnood en cholera in Afrika, maar geen bericht van een nieuwe school in Ghana waar er zoveel kinderen een nieuwe kans kunnen krijgen.
We worden bom en bomvol gepropt met impulsen over allerlei dingen die we kunnen kopen en de persoonlijkheden die we zouden moeten zijn. Er worden ons haast alleen maar belachelijke en totaal onbelangrijke zaken getoond op de t.v. Programma’s als Big Brother, Temptation Island en Sex in the city zijn daar voorbeelden van.
Er zijn mensen die uren lang t.v. kijken. Talloze impulsen per minuut komen bij je binnen en het is niet meer dan logisch dat, als deze keer op keer bij je binnen stromen, er ook wat van blijft hangen in je denkpatroon.
We kunnen eten wat we willen, maar de regering dringt er wel op aan dat we dat gezond doen. We hebben allemaal een sofi nummer, een bankpas, een bonuskaart en my space of hyves. We kunnen elkaar in de gaten houden en controleren. Dat geeft ons een goed gevoel, maar wat wij kunnen, kan de regering ook en zij vast nog beter.
We hebben behoefte aan veiligheid. Dit krijgen we ook. Meer blauw op straat, meer camera’s, chipkaarten voor het openbaar vervoer, meer controle op stations en vliegvelden. Dit alles voor onze veiligheid. Ik voel me eerder verstikt door al deze controle. Big Brother is wachting you op grote schaal.
Het mooie is dat ik de vrijheid heb om alles hierover te zeggen dat ik wil. Dat ik actie kan voeren, kan demonstreren, in staking kan gaan. Ik ben er blij mee dat het kan, maar kan ik iets veranderen? Gaat de regering luisteren naar wat ik te zeggen heb? Luisterde de regering toen we massaal demonstreerden tegen de oorlog in Iraq?
Of toen we nee zeiden tegen de EU wet?
Democratie
In eerste instantie is democratie een geweldig goed streven. Het democratisch systeem maakt het mogelijk om een evenwichtig en eerlijk zeggenschap in een bevolking te brengen. Voor iedere persoon is er een partij die min of meer aansluit op de denkwijze van deze persoon.
We mogen als Nederlanders allemaal onze stem uitbrengen. We kiezen zelf wie ons land regeert. Dit geeft ons het gevoel dat wij ook mee mogen regeren, dat wij ook wat te zeggen hebben. Ik ben heel erg blij dat ik leef in een land waar dit kan en waar dit democratisch proces ook op een eerlijke manier gaat.
Maar in hoeverre maken wij onze eigen keuzes? Als wij continu volgepropt worden met schijnbare belangrijkheden en gevaren die wij zelf niet uitkiezen, in hoeverre is een gemiddeld mens in staat de kern van wat er speelt eruit te halen? Ik zou het echt niet weten. Als het om deze kwesties gaat, ben ik zelf ook het spoor bijster.
In deze tijd worden de meeste keuzes gemaakt ten behoeve van de economische vooruitgang. Er worden imposante, hippe en moderne gebouwen en gebieden om ons heen gebouwd, naar mijn idee is dit voor de looks, want in de kern is nog steeds weinig veranderd. Het niveau van scholen keldert omlaag, controle op bijstanden wordt aangesnoerd, de zorginstellingen zijn niet meer wat het geweest was. We hebben nu zelfs te kampen met een financiële crisis! Maar er wordt gewoon doorgebouwd. Er wordt gewinkeld en gegeten of er niets aan de hand is.
Naar mijn idee kiest de regering ervoor te doen of alles prima gaat en Nederland aan te prijzen als groot en welvarend.
Mijn idee is: Dat weet de wereld nu wel. Het is haast nooit anders geweest. Kan er nu ook geld teruggegeven worden aan de mensen zelf die voor deze centen gewerkt hebben, mogen wij ook eens ziek, depressief of gewoon eens totaal geen zin hebben?
Of moeten we dat weer ontelbaar veel brieven over en weer sturen naar instanties met bewijzen, kopietjes en doktersrecepten?
Mijn idee van democratie is in ieder geval: Het is in de kern een goed systeem en het werkt zeker, vooral om de mensen van de grote massa zoet te houden. Want we mogen immers kiezen!
Overvloed aan luxe
Nederland is een geweldig land. We hebben alles wat we nodig hebben en zelfs nog veel meer dan dat. Bijna elke burger heeft te eten, een dak boven zijn hoofd, een t.v, een auto of een fiets, een opleiding of werk.
Er zijn mensen die heel weinig te eten hebben of dakloos zijn. Daar hebben we dan de voedselbank voor, de soepbus, het Leger Des Heils of de kerk.
Nederland is een welvarend land. We komen niets te kort. We hebben eerder te veel.
We kopen een magnetron bij de Mediamarkt die we 2 jaar kunnen gebruiken en gooien het vervolgens weg. We kopen kleren die in zijn , dragen het een jaartje, het model raakt uit en we gooien het weg. Bijna al onze elektronica en kleding komt van landen als China en Pakistan, dat weet iedereen. In fabrieken waar jonge volwassenen en kinderen werken tot onmenselijke tijden voor belachelijk weinig geld. Ook al onze koelkasten, t.v’s, waterkokers en ga zo maar door, worden uit elkaar gehaald voor de recycling door mensen en kinderen in onmenselijke omstandigheden. Wij vinden het verschrikkelijk als we dit zien in documentaires, maar wij zijn degenen die het stimuleren. Wij over verbruiken producten, wij kopen telkens weer opnieuw spullen die alles behalve onze eerste levensbehoeften zijn.
Natuurlijk is een magnetron die 15 jaar meegaat nu ver te zoeken. Alles moet spotgoedkoop en supersnel. We moeten het gevoel hebben dat we kunnen leven als koningen voor de prijs die wij kunnen betalen. Je kan ook haast niet meer anders. Tijd en kwaliteit zijn woorden die behoren tot oma’s tijd.
We zijn gewend aan het gemak van de magnetron maaltijd, aan de lage prijzen, aan de luxe van even wat bestellen op het internet. We zouden niet anders willen en op den duur ook niet anders kunnen. Deze richting beweegt de ontwikkeling zich nou eenmaal. En wie gaat er ook protesteren over hongerige kindjes in arme landen, over vrijheidsillusie, over de aansnoerende controle of over de prestatiedruk van de samenleving als wij allemaal warme voeten en dikke buiken hebben?